
Highlights
Bodem, ondergrond en archeologie
Regionaal Schakelpunt Bodem en Ondergrond

In samenwerking met de gemeente Gouda en het Kenniscentrum Bodendaling en Funderingen (KBF) diende de ODMH een subsidieaanvraag in bij de VNG voor het opzetten van een Regionaal Schakelpunt (RSP) gericht op bodemdaling in bestaand bebouwd gebied. De aanvraag is gehonoreerd.
De aangesloten partijen
Bij het RSP zijn diverse partijen aangesloten: De gemeenten Alphen aan den Rijn, Bodegraven-Reeuwijk, Gouda, Krimpenerwaard, Waddinxveen en Zuidplas, Hoogheemraadschap van Schieland en Krimpenerwaard, Hoogheemraadschap van Rijnland, provincie Zuid-Holland, Kenniscentrum Bodemdaling en Funderingen, Campus Gouda, Hogeschool Rotterdam en Saxion Hogeschool.
Kennisdeling en samenwerking
In het RSP werken we samen aan het verder ontwikkelen en delen van kennis over bodemdaling. Het RSP wil graag dat er meer rekening gehouden gaat worden met bodemdaling bij nieuw- en bestaande bouw. Dit willen zij doen door middel van kennisdeling binnen de gemeentes en ketenpartners. In 2025 onderzochten we verschillende manieren van kennisdeling. Vanuit dit onderzoek is er besloten om het RSP anders in te gaan vullen.
Het RSP in 2026
Het RSP zal in 2026 zich meer richten op het ontwikkelen van kennissessies binnen de regio. In de kennissessies zal actuele casuïstiek besproken worden met de uitvoerende projectleiders. In de sessies zal besproken worden welke keuzes gemaakt zijn en wat voor effect bodemdaling heeft op deze keuzes. Gemeenteambtenaren worden uitgenodigd om deel te nemen en zo hun kennis te delen en te verbreden.


Bodemonderzoekstraject
& BIS-toetsen
De bodemadviseurs van de ODMH adviseren en toetsen bij projecten in de gemeente Gouda waarbij bodemverontreiniging een mogelijke factor is. Dit proces begint met een risico-inventarisatie (BIS-toets), waaruit mogelijk volgt dat er bodemonderzoeken of saneringen nodig zijn.
BIS-toets
De ODMH voert op een vroeg moment een BIS-toets uit om te bepalen of er bodemverontreiniging aanwezig zou kunnen zijn in een projectgebied. Hierbij verzamelt de ODMH relevante gegevens, interpreteert deze en geeft objectief advies aan de gemeente over het mogelijke vervolgtraject. Dit zorgt ervoor dat in een vroeg stadium duidelijk is of bodemonderzoeken of -saneringen noodzakelijk zijn. Daardoor komt de gemeente tijdens de uitvoering van het project niet voor verrassingen te staan.
Tot eind december 2025 heeft de ODMH 21 BIS-toetsen uitgevoerd voor projecten op verschillende locaties, waaronder in de binnenstad van Gouda. Op basis van de uitkomsten hiervan zijn meerdere bodemonderzoeken uitgevoerd.
Bodemonderzoeken
In het kader van milieubelastende activiteiten of in het geval van mogelijk bodemverontreiniging in een projectgebied, kan er een bodemonderzoek nodig zijn. Bodemadviesbureaus voeren dergelijke onderzoeken uit. Om dit proces efficiënt en vlot te laten verlopen, heeft de ODMH namens alle gemeenten een raamcontract afgesloten met twee adviesbureaus. Bij uit te voeren onderzoeken coördineert en begeleidt de ODMH het hele proces.
In 2025 startte de ODMH 18 bodemonderzoekstrajecten in Gouda op. Het gaat voornamelijk om projecten waarbij infrastructuur wordt verbeterd of de openbare ruimte opnieuw wordt ingericht.
Saneringstraject
Begin dit jaar is één saneringstraject gestart ter plaatse van het Regentesseplantsoen in de binnenstad van Gouda. Dit saneringstraject is gestart naar aanleiding van bodemonderzoek waarbij verontreinigingen zijn aangetoond in de bodem. De ODMH regelde via het raamcontract de milieukundige begeleiding.
Nieuw raamcontract
Afgelopen jaar is de ODMH gestart met een nieuwe aanbesteding voor het uitvoeren van bodem- en verhardingsonderzoeken. In januari 2026 zal de nieuwe raamovereenkomst ingaan. Dit keer sluiten we het raamcontract af met drie adviesbureaus. Hierdoor zijn we erg flexibel.

Bijeenkomsten marktpartijen bodem
Wij behandelen voor de zes gemeenten meldingen en informatieplichten in het kader van de bodemtaken. Sinds de invoering van de Omgevingswet zijn er veel dingen veranderd. Een voorbeeld is de nieuwe verplichting voor een milieuverklaring bodemkwaliteit. De toepassing van een partij grond vraagt om andere en meer administratieve stappen in het DSO (Digitaal Stelsel Omgevingswet). En zo zijn er veel meer voorbeelden waar aanvragers in de praktijk tegenaan lopen. Daarom organiseerden we in maart 2025 een bijeenkomst voor aannemers, adviesbureaus en andere organisaties.
Op het programma stonden drie categorieën van activiteiten:
Bodemkwaliteit bij bouwen
Graven en saneren
Opslaan en toepassen van grond en baggerspecie
Uitwisseling van ervaringen en verbeterpunten
Wij gingen in op de belangrijkste veranderingen onder de Omgevingswet. We bespraken de eerste ervaringen van de aanwezigen en deelden veel voorkomende problemen tijdens een aanvraagproces. Onze bodemspecialisten verzorgden de presentaties. Er werden nuttige verbeterpunten uitgewisseld. We kijken terug op een geslaagde ontmoeting. Dit contact leidt tot meer wederzijds begrip, en daardoor uiteindelijk ook tot een efficiëntere uitvoering.
Vanwege grote belangstelling waren er twee bijeenkomsten. De inschrijving voor de bijeenkomst in maart zat in een mum van tijd vol, daarom organiseerden we er in april nog een. In totaal woonden een kleine 150 personen een bijeenkomst bij. Vanwege het belang van het uitwisselen van kennis over de Omgevingswet, bekostigde de Provincie Zuid-Holland de twee bijeenkomsten.
De presentatie staat online en is voor iedereen toegankelijk:
Diffuus lood

In de regio Midden-Holland komt op meerdere plaatsen een verhoogd loodgehalte in de bodem voor. Dit is vermoedelijk het gevolg van verontreinigd ophooggrond en -puin uit het verleden. Lood in de bodem vormt een gezondheidsrisico, vooral voor jonge kinderen.
Gemeentelijke verantwoordelijkheid
Sinds de invoering van de Omgevingswet zijn gemeenten bevoegd gezag voor dit onderwerp. Een werkgroep – met milieucoördinatoren van gemeenten, bodemspecialisten van de ODMH en adviseurs van de GGD – werkt aan bewustwording en informatievoorziening, zowel binnen gemeenten als richting inwoners.
Bewustwording en communicatie
Volledige sanering van lood in de bodem is niet haalbaar, maar bewustwording van de risico’s wél. Samen met de GGD en gemeentelijke communicatieadviseurs ontwikkelde de ODMH een communicatietoolkit, waarmee we concrete, praktische adviezen uitdragen. Ouders krijgen bijvoorbeeld de tip: laat kinderen hun handen wassen na het buitenspelen, in huis de schoenen uit, en regelmatig stofzuigen. Het is raadzaam om groente uit de moestuin goed af te spoelen.
In het voorjaar van 2025 landde deze informatie op gemeentepagina’s, lokale media, websites en social media. Op consultatiebureaus ligt een folder voor ouders van jonge kinderen. Ook verzorgden wij - samen met de GGD - teksten voor nieuwsbrieven van basisscholen en kinderopvanglocaties. Inwoners met vragen kunnen terecht bij de ODMH of de GGD. Het plan is om deze campagne voortaan jaarlijks in het voorjaar te herhalen, net voordat het buitenspeel-seizoen start.
Beleidsrijke voorstellen over lood in het omgevingsplan
Nu gemeenten zelf hun omgevingsplan mogen vormgeven, ligt er een kans om extra planregels op te nemen over lood in de bodem, denk aan voorschriften bij bouwactiviteiten of het toepassen van grond. Uit onderzoeken van de GGD en RIVM blijkt dat de huidige landelijke loodwaarden de gezondheid onvoldoende beschermen. Wij adviseren gemeenten om de toegestane waarden voor lood in de bodem naar beneden bij te stellen. In 2025 werkten we aan een uitwerking van dit advies naar concrete planregels.
Water en Bodem Sturend


Water en bodem sturend maken in ruimtelijke keuzes (‘WBS’); dat is een landelijke beleidslijn die een belangrijke prikkel vormt om toekomstbestendig te bouwen. Dit vertaalt zich in vroegtijdig rekening houden met bodem en water, zodat de gevolgen van klimaatverandering beter kunnen worden opgevangen. De ODMH staat gemeenten bij met specialistische bodemkennis en adviseert over de manier waarop je met WBS aan de slag kunt.
Inspirerende regionale bijeenkomst
In oktober organiseerden we weer in Boskoop een regionale bijeenkomst over Water en Bodem Sturend (WBS), waarop we naderhand veel positieve reacties ontvingen. Zo’n 60 deelnemers waren erbij; beleidsadviseurs van gemeenten, waterschappen en provincie die werken aan gebiedsontwikkeling, ruimtelijke ordening, milieu, waterbeheer, riolering, bodemdaling of klimaatadaptatie.
Het thema was ‘WBS: Van modebegrip naar praktijkuitvoering’. Na een korte plenaire opening konden deelnemers in twee ronden met iedere keer drie deelsessies ontdekken hoe je WBS in de praktijk handen en voeten kunt geven. Verschillende marktpartijen en adviesbureaus gaven daar presentaties. Goed bezocht was bijvoorbeeld de sessie over een woningbouwlocatie met een groot aandeel sociale woningbouw in Zoetermeer. Uit dit project blijkt dat ook op een kleiner perceel mogelijkheden zijn te vinden om vanuit het WBS-principe te ontwerpen.

Staalslakken
Afgelopen zomer (23 juli 2025) ging een tijdelijk verbod in voor het toepassen van staalslakken in een aantal concrete situaties. Dit verbod geldt voor bouwstoffen die voor meer dan 20% uit staalslakken bestaan. Dit massapercentage staalslak is niet toegestaan in een toepassing van 0,5 meter laagdikte of op een locatie waar inname, inhalatie of oog-, mond- of huidcontact niet is uitgesloten. Voor alle andere toepassingen van staalslakken in de bodem geldt een tijdelijke vergunningplicht.
Onderzoek naar gezondheidseffecten
De reden van het tijdelijk verbod is het vermoeden dat staalslakken schade geven aan gezondheid en milieu. Ze kunnen voorkomen als ondergrond van een weg of bouwwerk, half verharding van een fietspad of rondom speeltuinen in wijken en parken. Tot nu toe zijn er in onze gemeenten geen klachten bekend naar aanleiding van toegepaste staalslakken.
Inventarisatie staalslakken in de regio
De ODMH trad in 2025 in overleg met alle gemeenten om te bezien welk effect de tijdelijke regeling heeft. We inventariseren gezamenlijk op welke plekken vermoedelijk staalslakken zijn toegepast. Doordat er geen meldplicht is voor het gebruik van staalslakken, hebben we helaas geen volledig beeld op welke plekken die allemaal toegepast zijn. Toch hebben we al een aantal locaties in het vizier.
Hoe gaat het verder
Het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) gaat verder onderzoek doen naar het verband tussen de toepassing van staalslakken en het ontstaan van gezondheidsklachten en bodemverontreiniging. We merken dat het tijdelijk verbod tot onrust leidt. De regeling gaat over nieuwe toepassingen, maar wat betekenen de vermoedens van schadelijke effecten op milieu en gezondheid voor bestaande staalslakken in de bodem? Moet dit gesaneerd worden, en waar kan dit naartoe worden afgevoerd? We blijven dit dossier nauwlettend volgen en houden gemeenten op de hoogte van actuele ontwikkelingen.
