Highlights

Bijeenkomsten marktpartijen bodem

Wij behandelen voor de zes gemeenten meldingen en informatieplichten in het kader van de bodemtaken. Sinds de invoering van de Omgevingswet zijn er veel dingen veranderd. Een voorbeeld is de nieuwe verplichting voor een milieuverklaring bodemkwaliteit. De toepassing van een partij grond vraagt om andere en meer administratieve stappen in het DSO (Digitaal Stelsel Omgevingswet). En zo zijn er veel meer voorbeelden waar aanvragers in de praktijk tegenaan lopen. Daarom organiseerden we in maart 2025 een bijeenkomst voor aannemers, adviesbureaus en andere organisaties. 


Op het programma stonden drie categorieën van activiteiten: 

  1. Bodemkwaliteit bij bouwen

  2. Graven en saneren 

  3. Opslaan en toepassen van grond en baggerspecie 

Uitwisseling van ervaringen en verbeterpunten 

Wij gingen in op de belangrijkste veranderingen onder de Omgevingswet. We bespraken de eerste ervaringen van de aanwezigen en deelden veel voorkomende problemen tijdens een aanvraagproces. Onze bodemspecialisten verzorgden de presentaties. Er werden nuttige verbeterpunten uitgewisseld. We kijken terug op een geslaagde ontmoeting. Dit contact leidt tot meer wederzijds begrip, en daardoor uiteindelijk ook tot een efficiëntere uitvoering. 


Vanwege grote belangstelling twee bijeenkomsten 

De inschrijving voor de bijeenkomst in maart zat in een mum van tijd vol, daarom organiseerden we er in april nog een. In totaal woonden een kleine 150 personen een bijeenkomst bij. Vanwege het belang van het uitwisselen van kennis over de Omgevingswet, bekostigde de Provincie Zuid-Holland de twee bijeenkomsten. 


De presentatie staat online en is voor iedereen toegankelijk:  

https://www.odmh.nl/omgevingswet/bodem/  

Water en Bodem Sturend

Water en bodem sturend maken in ruimtelijke keuzes (‘WBS’); dat is een landelijke beleidslijn die een belangrijke prikkel vormt om toekomstbestendig te bouwen. Dit vertaalt zich in vroegtijdig rekening houden met bodem en water, zodat de gevolgen van klimaatverandering beter kunnen worden opgevangen. De ODMH staat gemeenten bij met specialistische bodemkennis en adviseert over de manier waarop je met WBS aan de slag kunt. 


Inspirerende regionale bijeenkomst 

In oktober organiseerden we weer in Boskoop een regionale bijeenkomst over Water en Bodem Sturend (WBS), waarop we naderhand veel positieve reacties ontvingen. Zo’n 60 deelnemers waren erbij; beleidsadviseurs van gemeenten, waterschappen en provincie die werken aan gebiedsontwikkeling, ruimtelijke ordening, milieu, waterbeheer, riolering, bodemdaling of klimaatadaptatie.  


Het thema was ‘WBS: Van modebegrip naar praktijkuitvoering’. Na een korte plenaire opening konden deelnemers in twee ronden met iedere keer drie deelsessies ontdekken hoe je WBS in de praktijk handen en voeten kunt geven. Verschillende marktpartijen en adviesbureaus gaven daar presentaties. Goed bezocht was bijvoorbeeld de sessie over een woningbouwlocatie met een groot aandeel sociale woningbouw in Zoetermeer. Uit dit project blijkt dat ook op een kleiner perceel mogelijkheden zijn te vinden om vanuit het WBS-principe te ontwerpen. 

Brijnlozingen

In de glastuinbouw wordt gebruik gemaakt van omgekeerde osmose om zoet gietwater te krijgen uit grondwater. Bij de omgekeerde osmose ontstaat naast het zoete gietwater ook een zoute fractie (brijn). Brijn mag niet teruggebracht worden in de bodem, tenzij een bedrijf daar toestemming voor heeft. Een verzoek om maatwerk voor brijnlozing wordt getoetst aan meerdere aspecten, zoals de wijze waarop emissies van bodemvreemde verontreinigingen naar de bodem worden voorkomen, informatie waaruit blijkt dat de beste beschikbare technieken worden toegepast en in hoeverre er alternatieven voor het gietwater zijn onderzocht. Toestemmingen worden verleend voor een beperkte periode, in dit geval tot en met 31 december 2027. Deze korte termijn wordt aangehouden om bedrijven te stimuleren naar alternatieven te zoeken. In gemeente Alphen aan den Rijn zijn in 2025

9 toestemmingen voor brijnlozingen verleend. 

Staalslakken

Afgelopen zomer (23 juli 2025) ging een tijdelijk verbod in voor het toepassen van staalslakken in een aantal concrete situaties. Dit verbod geldt voor bouwstoffen die voor meer dan 20% uit staalslakken bestaan. Dit massapercentage staalslak is niet toegestaan in een toepassing van 0,5 meter laagdikte of op een locatie waar inname, inhalatie of oog-, mond- of huidcontact niet is uitgesloten. Voor alle andere toepassingen van staalslakken in de bodem geldt een tijdelijke vergunningplicht.


Onderzoek naar gezondheidseffecten

De reden van het tijdelijk verbod is het vermoeden dat staalslakken schade geven aan gezondheid en milieu. Ze kunnen voorkomen als ondergrond van een weg of bouwwerk, half verharding van een fietspad of rondom speeltuinen in wijken en parken. Tot nu toe zijn er in onze gemeenten geen klachten bekend naar aanleiding van toegepaste staalslakken.


Inventarisatie staalslakken in de regio

De ODMH trad in 2025 in overleg met alle gemeenten om te bezien welk effect de tijdelijke regeling heeft. We inventariseren gezamenlijk op welke plekken vermoedelijk staalslakken zijn toegepast. Doordat er geen meldplicht is voor het gebruik van staalslakken, hebben we helaas geen volledig beeld op welke plekken die allemaal toegepast zijn. Toch hebben we al een aantal locaties in het vizier.


Hoe gaat het verder

Het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) gaat verder onderzoek doen naar het verband tussen de toepassing van staalslakken en het ontstaan van gezondheidsklachten en bodemverontreiniging. We merken dat het tijdelijk verbod tot onrust leidt. De regeling gaat over nieuwe toepassingen, maar wat betekenen de vermoedens van schadelijke effecten op milieu en gezondheid voor bestaande staalslakken in de bodem? Moet dit gesaneerd worden, en waar kan dit naartoe worden afgevoerd? We blijven dit dossier nauwlettend volgen en houden gemeenten op de hoogte van actuele ontwikkelingen.

Bodemlocaties Rijndijk 30-92
Hazerswoude-Rijndijk

Het voormalige bedrijfsterrein Avery Dennison is omgevormd tot woongebied. Het terrein is daarom in twee fasen in de periode vanaf september 2020 tot en met maart 2004 gesaneerd, volgens een saneringsplan. De ODMH keurde het saneringsplan in 2019 goed. Op de locatie is een leeflaag van minimaal één meter gekomen en een duurzame afdeklaag (betonnen vloer voor de woningen of bestrating).  


PFAS 

In 2019 werd de bodem nog niet onderzocht op de parameter PFAS. Bij de sanering was grond overgebleven doordat de woningen zijn gebouwd. De  overgebleven grond is geanalyseerd op het standaardpakket inclusief PFAS. Uit de analyse bleek dat PFAS verhoogd was in de grond. Op verzoek van de ODMH is het grondwater op een drietal plaatsen bij het voormalige depot grond onderzocht op PFAS. Het laboratoriumonderzoek toonde een sterke verhoging met PFOS aan.  

De ODMH heeft een overleg geïnitieerd tussen de Provincie Zuid-Holland en de ODMH om de resultaten en vervolgstappen te bespreken. 


Vervolg 

Eind 2025 vond een historisch onderzoek plaats. In 2026 zal op basis van de resultaten een verkennend onderzoek PFAS in grond en grondwater plaatsvinden. Hiermee willen we achterhalen of er risico’s zijn en of er maatregelen moet worden genomen. 

Limes

Gedurende het hele jaar zijn er in opdracht van de gemeente of derden archeologische onderzoeken uitgevoerd met een Romeins tintje.  


Voor de herontwikkeling van gebied Rijnhaven-Oost heeft de gemeente opdracht gegeven voor een archeologisch booronderzoek. Dwars door dit gebied loopt namelijk de Romeinse limesweg.  

De ODMH adviseerde om een ruimer plangebied te nemen, zodat het adviesbureau een dwarsdoorsnede haaks op de Rijn kon maken. Dan krijg je een mooi overzicht van de bodemopbouw en mogelijke locaties voor archeologische vindplaatsen. Het adviesbureau zette twee lange rijen met boringen. Langs de Van Foreestlaan hebben we aanwijzingen dat de Romeinse weg in de buurt moet hebben gelegen. Hoe dat zit in het gebied langs de Rijnhaven, zoekt de ODMH in 2026 verder uit. Dan doen we een uitgebreid bureauonderzoek naar verschillende percelen in gebied. De volgende vragen stellen we bij dit bureauonderzoek: 

- Wat is de bodemopbouw? 

- Hoe zijn de huidige panden gefundeerd? 

- Kunnen we nog archeologische resten verwachten? 


De Schans 

De kralenketting met Romeinse vindplaatsen wordt steeds voller. Één van die kralen is een vindplaats bij De Schans. De Nederlandse JeugdBond voor Geschiedenis, de archeologische van de AWN (afdeling Rijnstreek) en de archeologen van het Rijksmuseum van Oudheden voerden er onderzoek uit tussen 1988 en 1990. Daarna werd het stil. Alle 130 dozen met verzamelde vondsten stonden opgeslagen in het archeologisch depot van Zuid-Holland.  


Gemeente Alphen aan den Rijn heeft de ambitie om de gemeente als Wereldstad aan de Limes te versterken. In dat licht is op advies van de ODMH een inventarisatie en uitwerking gemaakt van de vondsten van vindplaats De Schans. We weten dan meer over het soort vindplaats, en het gebruik van het landschap tussen de forten in. Het blijkt steeds weer dat er meer te vinden is dan alleen de limesweg.  


Plan van aanpak 

De ODMH stelde op verzoek van de gemeente een plan van aanpak op voor de uitwerking en financiering. Het grootste deel van het bedrag is door de gemeente betaald, maar de Provincie Zuid-Holland en de stichting Aan Boord hebben ook een grote financiële bijdrage gegeven.  

Met dit geld huurden we specialisten in op het gebied van aardewerk, bouwmateriaal, natuursteen, glas, bot en metaal. Veel vondsten zijn professioneel gefotografeerd voor publicatiedoeleinden. 


De vindplaats 

Het grootste deel van de vondsten worden gedateerd rond 150 tot 200 van onze jaartelling. Er zijn ook oudere en jongere Romeinse vondsten, maar een stuk minder. De vondsten wijzen op een vindplaats met militaire karakter. Echte huizen, wachttorens of andere gebouwen hebben we niet kunnen aanwijzen op de tekeningen. 


Planning 

De specialisten hebben bijna al het materiaal bekeken. Nu wordt het rapport opgesteld. De ODMH redigeert alle teksten en het rapport wordt als ODMH-rapport gepubliceerd. 

Alle nieuwe documentatie leveren we na afloop netjes aan bij het archeologisch depot. Dit vormt weer een nieuwe informatiebron voor toekomstige onderzoekers en specialisten. 

Onderwaterdrainage in relatie tot
archeologie

In de veenweidegebieden van Alphen aan den Rijn en omgeving zakt de bodem. Provincie Zuid-Holland doet daarom een pilot met het gebruik van onderwaterdrainage. Dit project loopt in de gemeenten Zoeterwoude, Voorschoten en Alphen aan den Rijn. 


De archeologen van de Omgevingsdienst Midden-Holland en de andere gemeenten zitten op verzoek van de Provincie aan tafel. We kijken naar de ingrepen zelf en naar de gevolgen voor de archeologische resten. Zowel op korte als op lange termijn.  

Op ons gezamenlijke advies is een archeologisch bureauonderzoek uitgevoerd. Mogelijk wordt dit onderzoek nog gevolgd wordt door een booronderzoek op plekken waar mogelijk archeologische resten in de bodem zitten. 


Overigens is het verhogen van de waterstand positief voor archeologische resten.

Lindehovestraat Zwammerdam

De gemeente Alphen aan den Rijn heeft het voornemen om grond aan te kopen aan de Lindenhovestraat in Zwammerdam.  


De ODMH zocht informatie over de milieukundige situatie in het bodeminformatie systeem (hierna BIS). Uit het BIS bleek dat de locatie in het verleden gebruikt was als stortplaats. Of er ook stortmateriaal in het plangebied ligt, is onbekend. De ODMH adviseerde daarom om een milieukundig bodemonderzoek uit te voeren, waarbij het adviesbureau ook naar asbest kijkt. 


Verkennend bodemonderzoek 

Het eerste veldwerk is in augustus uitgevoerd. Hierbij trof het adviesbureau veel puin aan in de bodem. Plaatselijk vonden zij asbest in de bodem, maar alles binnen de normen voor nader onderzoek. Op één plek is één asbesthoudende plaat van zo’n 375 gram aangetroffen, waardoor formeel sprake is van een verontreiniging met asbest. Deze plaat is dan weer naar het lab gestuurd, waardoor de verontreiniging mogelijk verwijderd is. Ook toonde het laboratoriumonderzoek aan dat enkele metalen verhoogd aanwezig zijn in de bodem.  


Nader onderzoek 

Vanwege deze resultaten adviseerden wij de gemeente om nader onderzoek te laten uitvoeren naar de verontreiniging met asbest en zware metalen. In de grond en het puin is uiteindelijk geen asbest meer aangetoond. Ook was er hooguit sprake van een licht verhoogde gehalten aan metalen in de bodem. Er is geen aanleiding om vervolgonderzoek te doen of maatregelen te treffen voor de voorgenomen aankoop en eventuele werkzaamheden. 

Digitalisering historische kaarten

Op basis van de Erfgoedwet en de Omgevingswet hebben de gemeenten de taak erop toe te zien dat archeologische waarden geborgd zijn in ruimtelijke plannen. Gemeenten vertalen hun zorgplicht in bestemmings- en parapluplannen. Daarin is verankerd wat de regels zijn ten aanzien van activiteiten die leiden tot bodemverstoring, denk aan bouwen en graafwerkzaamheden. Archeologische resten zijn kwetsbaar. Wanneer bijvoorbeeld een plan meer dan 100 m2 beslaat, met ingrepen dieper dan 30 cm diepte, kan een archeologisch onderzoek verplicht zijn. In sommige zones is zelfs nog sneller onderzoek nodig.


Archeologisch onderzoek

De ODMH helpt onze gemeenten (behalve Gouda, daar zit een eigen archeoloog) bij het toezien op de naleving van voorschriften en regels rondom archeologisch onderzoek. Allereerst brengen wij advies uit over de vraag of archeologisch onderzoek noodzakelijk is voor een vergunning, en zo ja: in welke vorm dat gewenst is, gelet op kennis van de ondergrond. Het is wenselijk om zo precies mogelijk te kunnen aanduiden wanneer een archeologisch onderzoek de juiste weg is, zodat er niet onnodige onderzoeken hoeven plaatsvinden. Daarom zijn archeologische beleidskaarten van groot belang.


Verfijning van historische kaarten

In 2025 hebben we hard gewerkt aan het verfijnen van onze Atlas Archeologie, die voor iedereen toegankelijk is. Onze specialisten gingen aan de slag met het ‘georefereren’ van honderden historische kaarten. Dat wil zeggen dat kaartmateriaal coördinaten krijgt zodat deze precies over bestaande kaarten geschoven kan worden. Dit levert een schat aan informatie op, waarmee je de ontwikkeling van gebieden (vanaf begin 17e eeuw) kunt volgen.

Archeologische bedrijven kunnen desgewenst downloads maken of aanvullende informatie opvragen. Zij kunnen een tijdlijn terughalen van een perceel. Dit geeft waardevolle informatie over de ondergrond en voorspelt waar archeologische vondsten en funderingsresten mogelijk aanwezig zijn. Wij dragen op deze manier bij aan de kwaliteit van onderzoek van gecertificeerde bureaus. En kunnen zo ook in enkele gevallen beslissen dat er geen onderzoek nodig is