
Highlights

Regionale stresstesten / klimaatadapatie
De ODMH hielp de gemeente Waddinxveen dit jaar bij het uitvoeren van de klimaatstresstesten. Deze klimaatstresstesten zijn de eerste stap in een cyclus van zes jaar binnen het Deltaprogramma Ruimtelijke Adaptatie (DPRA). Er werd onderzocht hoe de gemeente beter kan omgaan met klimaatverandering. Er is gekeken naar vier onderwerpen: hitte, droogte, wateroverlast en overstromingen.
Bijeenkomst en risicodialoog
De stresstesten zijn gedaan tijdens één centrale bijeenkomst. Daar is, met behulp van verschillende kaarten, samen besproken waar problemen kunnen ontstaan en waar kansen liggen om de omgeving beter aan te passen aan het klimaat. De uitkomsten laten zien welke plekken kwetsbaar zijn en waar maatregelen kunnen helpen. De volgende stap is de risicodialoog. In deze gesprekken wordt bepaald welke risico’s het belangrijkst zijn en waar actie als eerste nodig is.
Project digital twin

De ODMH werkt samen met de gemeente mee aan een pilot voor 4D-ordening. De pilot wil door middel van 4D-ordening locaties bepalen waar bomen kunnen komen in de gemeente. De ODMH heeft andere data, maar ook gebied specifieke kennis die we kunnen gebruiken tijdens de pilot.
De gemeente heeft zich aangemeld voor een pilot met de Provincie voor 4D-ordening. Door alle beschikbare kaarten van de verschillende diensten te gebruiken krijgt de gemeente een mooi beeld over de bovengrondse én ondergrondse situatie. Door deze analyse te doen krijgt de gemeente een beeld waar ruimte is voor bomen, maar ook waar ze aanslaan en echt iets kunnen toevoegen voor de leefbaarheid. De data geeft inzicht in waar de bomen het meest nodig zijn; om hittestress tegen te gaan of biodiversiteit te bevorderen. Maar ook waar ruimte is (kabels, riolering, leidingen, etc.) en wat de bodemsoorten en grondwaterstanden zijn.

Project restafval
GFT campagne om restafval terug te dringen
De ODMH adviseert de gemeente bij de aanpak voor hun ambitie: restafval terugdringen. De gemeente Waddinxveen wil de hoeveelheid huishoudelijk restafval terugdringen tot 50 kg per inwoner per jaar in 2030. In 2024 was dat 132 kg per inwoner per jaar.
De ODMH maakte een overzicht van de samenstellingen van het restafval voor de gemeente. Daarnaast verkenden we de effectieve interventies voor een gemeente om restafval terug te dringen. Ook adviseerde de ODMH over wat een gedragscampagne kan bijdragen aan het doel. Op basis daarvan stelde de gemeente een vijfjarig traject voor de aanpak van restafval op.
In de tweede helft van het jaar deed de ODMH een vooronderzoek om een gedragscampagne een goede basis te geven. Dat bestond uit een enquête onder bewoners, een focusgroep voor een verdiepend gesprek en een creatieve sessie om mogelijke elementen van een gedragscampagne voor te bereiden en uit te werken. Dit alles bracht de ODMH samen in het rapport “GFT+E scheiding in Waddinxveen; advies voor een gedragscampagne in 2026”.

Bijenlandschap
In 2030 sluiten alle bijenlandschappen in Zuid-Holland op elkaar aan. Dat is het doel dat de Provincie Zuid-Holland heeft gesteld. Die doelstelling is alleen haalbaar als álle gemeenten aansluiten. Het idee hierachter is dat er voldoende voedsel (stuifmeel en nectar) en nestgelegenheden komen voor bijen. Om daar te komen, zijn de Zuid-Hollandse omgevingsdiensten samen met de gemeenten aan zet. Hiervoor krijgen we ondersteuning van Groene Cirkels Bijenlandschap, dat bij de Omgevingsdienst West-Holland (ODWH) is belegd.
Kleine stappen, nieuwe verbindingen
Wat is de rol van de ODMH? Alhoewel we kleine stappen hebben gezet in het versterken van het kennisnetwerk rond bijenlandschappen (we namen deel aan bijeenkomsten van Prachtlint in de Krimpenerwaard en de ODWH), is het in 2025 onvoldoende gelukt om dit echt goed van de grond te krijgen. Daarom besloten we om - onder leiding van de provincie - samen met de andere omgevingsdiensten in 2026 een serie gezamenlijke bijeenkomsten te organiseren. Want om de bijenlandschappen aan elkaar kunnen te rijgen, is het belangrijk om te investeren in een kennisnetwerk in de regio. Zodat we elkaar weten te vinden en bestaande initiatieven elkaar aanvullen. Alle gemeenten worden hiervoor uitgenodigd; zij kunnen daar onder andere inspiratie opdoen voor ecologisch maaibeheer en bijvriendelijke bermen. In 2025 zijn daar de eerste voorbereidingen voor gedaan.
Biodiversiteit

Soortenrijkdom, oftewel biodiversiteit, zorgt voor bestuiving van gewassen, schone lucht, fris water en goede kwaliteit van de bodem. Dat is belangrijk voor evenwicht in de natuur. Het is zorgelijk dat de biodiversiteit hard achteruit loopt in Nederland. Daarom staat dit op de speerpuntenlijst van de Regio Midden-Holland. De ODMH heeft een adviserende rol.
Ecologisch maaibeheer op één kaart
De stand van dieren en planten vormen een goede indicator van de biodiversiteit in een gebied. Om die reden is al eerder een regionale biodiversiteitskansenkaart opgeleverd.
Met gemeentegrenzen hebben bijen, vlinders en andere insecten natuurlijk niets te maken. Daarom leek het de gemeenten goed om letterlijk in kaart te brengen wat de verschillende maairegimes in de regio zijn, zodat inzichtelijk wordt waar kansen liggen om groene bermen aan elkaar te verbinden. We nodigden het waterschap en de provincie uit om ook hun informatie te delen via deze GIS-kaart, die in december online kwam.
Overkoepelend maaibeleid ‘on hold’
Aanvankelijk was het idee om aan de hand van de GIS-kaart een regionaal maaibeleid te ontwikkelen, maar daarvoor bleek de tijd nog niet rijp. De wens om bij te dragen aan een grotere soortenrijkdom, betere ecologische verbindingen en een gezondere bodem is er nog steeds, maar vraagt een langere adem. De verschillen in maairegimes tussen individuele gemeenten zijn op dit moment nog te groot. In goed overleg is daarom besloten dat gemeenten hier nu onderling mee verder gaan.
Cursus Kleurkeur van de Vlinderstichting
Afgelopen jaar boden we de gemeentelijke groenbeheerder een cursus Kleurkeur Basis aan. Dit is een cursus van de Vlinderstichting waarin deelnemers leren hoe je via bermen bij kunt dragen aan het herstel en behoud van de Nederlandse biodiversiteit. De gemeenten Zuidplas en Krimpenerwaard namen deel.
Werkgroep Biodiversiteit
De ODMH is trekker van de werkgroep Biodiversiteit waarin de vijf gemeenten van Regio Midden-Holland samen bekijken hoe de soortenrijkdom te verbeteren is. Het is waardevol elkaar regelmatig te treffen in de werkgroep, waar sinds 2025 ook Alphen aan den Rijn als praatpartner bij is aangeschoven. Er passeren namelijk ook andere onderwerpen, zoals Soorten Management Plannen (SMP’s) en exoten (en de bestrijding daarvan). De ODMH staat de gemeenten bij met advies en ondersteuning.
Natuur- en Duurzaamheidseducatie De Zwanebloem

Het is de missie van ons centrum voor Natuur- en Duurzaamheidseducatie de Zwanebloem om kinderen in de basisschoolleeftijd spelenderwijs iets te leren over energietransitie, klimaatadaptatie, circulaire economie en biodiversiteit; vier hoofdthema’s waar onze gemeenten mee bezig zijn. De lessen variëren van omgaan met dieren tot het maken van duurzame keuzes. Ook zijn er lessen over bijvoorbeeld het lichaam, het weer en recyclen.
Wat gebeurde er in 2025?
In het schooljaar 2024-2025 bereikten we in totaal maar liefst 13.500 unieke leerlingen. Sommige leerlingen volgden twee of meer lessen. Het totaal aan lesen komt uit op 24.771 leerlingen. Wij werken met zo’n twintig vrijwilligers. We werkten in 2025 onder andere samen met De Watersnip uit Reeuwijk en EcoKids uit Gouda.
Zo’n honderd basisscholen maakten in 2025 gebruik van ons aanbod. Vrijwilligers verzorgen lessen op onze gezellige leszolder op kinderboerderij De Goudse Hofsteden. Ook kan een docent een leskist voor drie weken in bruikleen krijgen. Een les bij de school of op locatie van een van onze samenwerkingspartners mag ook. Zo bezochten 45 klassen een melkveehouderij. In het najaar bezochten 28 kleuterklassen een appelboomgaard. De kleuters maakten zelf appelmoes van de oogst.
Plezier en ervaring
Uit de enquête die we in 2025 hielden onder PO-docenten sprak waardering voor het aanbod en de dienstverlening van de Zwanebloem. Ervaring en plezier blijken belangrijke redenen om voor een les van de Zwanebloem te gaan. We ontvingen nuttige tips over verbetering van onze website.
Thema: Natuur
Jaarlijks lichten we één thema extra uit. In het schooljaar 2024-2025 was dat Circulaire Economie. In 2025-2026 is dat Biodiversiteit. Lessen en leskisten die daarbij aansluiten zijn dat jaar gratis voor scholen. Zo was er de herfstles, waarin kinderen van groep 5 en 6 leren hoe planten en dieren overleven in de winter. Ook gaan we in op de herkomst van compost; leerlingen ontdekken hoe herfstbladeren uiteindelijk via de aarde weer voeding voor planten worden, en welke rol schimmels en beestjes daarin hebben.
In het thema Natuur was verder de les over egels populair. Ook de lessen over wormen en uilenballen liepen goed. Docenten kunnen ook andere lessen afnemen, die aansluiten bij het thema op school. Denk aan duurzame energie, afval en water.
Reparatielessen
We vernieuwen voortdurend ons lesaanbod. Nieuw in 2025 was bijvoorbeeld de les ‘Repareren in de klas: van weggooien naar waarderen’, waarin leerlingen van groep 7 en 8 onder andere leren hoe ze zelf een fietsband kunnen plakken of een kledingstuk kunnen repareren. Deze les vloeit voort uit de samenwerking met het Platform Groene Hart Circulair.
Jaarprogramma
In 2025 maakten we een mooi programmaboekje met alle leuke lessen. Het programma is zowel online als op papier te lezen. Dit is een van de concrete resultaten van onze nieuwe huisstijl waar we in 2024 hard aan hebben gewerkt. Daarnaast is het aanbod ook gemakkelijk in te zien via een online catalogus: www.nmemiddenholland.nl
Filmpje
Dit jaar hebben we onze nieuwe promotievideo veelvuldig ingezet tijdens bezoek bij schooldirecteuren en hun LEA-overleggen (Lokale Educatieve Agenda). Het is een aansprekende vorm om te laten zien wat we doen. Uiteraard deelden we het filmpje ook op de socials.

Stikstof
De Raad van State deed eind december 2025 een ingrijpende uitspraak: Intern salderen van stikstofdepositie is vergunningsplichtig geworden. Intern salderen was sinds 2021 niet vergunningsplichtig, wat veel projecten tijd en geld bespaarde. De uitspraak maakte daar een einde aan: voortaan is een natuurvergunning wél vereist voor intern salderen, ook met terugwerkende kracht voor projecten uit de periode 2020–2025. Handhaving op deze groep wordt pas vanaf 2030 mogelijk, maar de verplichting geldt nu al.
Stikstofdepositie op Natura 2000-gebieden
Op dit moment verleent de Omgevingsdienst Haaglanden (ODH) nog geen vergunningen op het gebied van stikstof. Dat is de omgevingsdienst die onze vergunningen voor activiteiten met stikstofdepositie op Natura 2000-gebieden in de provincie Zuid-Holland coördineert. Dit komt doordat een deel van de benodigde toetsing voor de vergunning op dit moment nog niet uitvoerbaar is, onder andere vanwege het zogeheten ‘additionaliteitsvereiste’ uit dezelfde uitspraak. Dat wil zeggen dat getoetst moet worden of de ruimte die vrijkomt niet al nodig moet zijn voor de natuurverbetering (Natura 2000).
Aanvullende stikstofberekeningen nodig
De vergunningplicht bracht zorgen en onzekerheid bij initiatiefnemers en gemeenten. Extra tijd en onderzoek waren nodig. Projecten moeten aanvullende stikstofberekeningen laten uitvoeren en opnieuw laten toetsen of zij aan de regelgeving voldoen.
Memo, vragenuurtjes en presentaties
Wat heeft de ODMH in 2025 gedaan? Wij versterkten aan onze gemeenten de Memo “Stikstof intern salderen”. Daarin gingen wij in op de consequenties van de uitspraak van de Raad van State: wat betekent de jurisprudentie voor lopende projecten? We boden handvatten om de stikstof te berekenen. We merkten dat dit handvat voorzag in een behoefte. Indien gewenst, ontvingen gemeenten aanvullende vragenuurtjes en presentaties voor bijvoorbeeld beleidsadviseurs RO.
Stresstesten klimaatadaptatie


De ODMH ondersteunt gemeenten bij klimaatadaptatie; dat zijn concrete maatregelen in de fysieke leefomgeving om de gevolgen van klimaatverandering op te vangen, denk aan extra groen of waterbuffers.
Kwetsbaarheden in kaart brengen
Vanuit het landelijke Deltaprogramma Ruimtelijke Adaptatie (DPRA) zijn gemeenten verplicht om eens in de zes jaar stresstesten uit te voeren. Zo’n klimaat-stresstest brengt in beeld wat risico’s en kwetsbaarheden zijn in een gebied. Waar komt water op straat te staan bij een regenbui? Of waar zijn kwetsbare groepen onvoldoende beschermd tegen extreme hitte? Met deze kennis krijgen overheden zicht op zinvolle maatregelen. De laatste stresstesten dateren van 2019, dus 2025 was het jaar om deze opnieuw uit te voeren. Voordat de gemeenten aan de slag gingen met hun lokale stresstesten, gaf de Regio Midden-Holland opdracht voor een regionale stresstest. Gevolgen van klimaatverandering zijn immers grensoverschrijdend.
Regionale stresstest
De ODMH begeleidde de regionale stresstest. We organiseerden een gezamenlijke ontmoeting met de vijf regiogemeenten. Onze ketenpartners - veiligheidsregio, waterschappen, GGD en GHOR - sloten ook aan. Daar bespraken we vier klimaatthema’s: wateroverlast, hitte, droogte en overstroming. Na een plenair deel gingen de deelnemers in kleine groepen uiteen, waar zij zich letterlijk bogen over de kaarten. De lokale kennis vanuit de gemeenten was van grote waarde. Tegelijk leverde het de gemeenten zelf ook iets op: door de gezamenlijke werkwijze deden zij tools en handvatten op om zo’n kaart zelf te gaan ontwikkelen. De opbrengst van de uitwisseling in de sessies verwerkte de ODMH in GIS kaarten. Daarop zijn kansen en knelpunten per thema samengevat. Die zijn te raadplegen met een KaartViewer.
Ondersteuning lokale stresstesten
Daarnaast ondersteunt de ODMH bij de lokale stresstesten waarvoor gemeenten zelf aan de lat staan. Zo verzamelen of maken we relevante kaarten die effecten in beeld brengen. In 2025 hielpen we verschillende gemeenten bij de voorbereiding of waren we bijvoorbeeld actief als sessieleider tijdens een stresstest.

