
Highlights
Duurzaamheid & energietransitie

Regionale Energie Strategie (RES)
Hoe kun je stapsgewijs overstappen naar duurzame energie? In de Regionale Energiestrategie (RES) werken overheden in dertig regio’s samen aan dit nationaal programma, zo ook in Midden-Holland. De gezamenlijke ambitie is om in 2030 0,435 TWh hernieuwbare elektriciteit op te wekken. Dit doel is gebaseerd op het elektriciteitsverbruik van de regio en is daarmee het eerlijke deel van het landelijke doel (35 TWh). De ODMH ondersteunt gemeenten hierbij.
Advies en ondersteuning
Gemeenten maken gebruik van onze denkkracht en uitvoeringscapaciteit. De ODMH vervulde in 2025 een adviesrol binnen het programmateam, waarin onze regiogemeenten deel hebben. De ODMH monitort de voortgang van de RES. We brengen in beeld hoeveel duurzame energie er al wordt opgewekt en welke projecten in voorbereiding zijn. Wij geven cijfermatige onderbouwing voor plannen in de ideefase en plannen die in de pijplijn zitten. We nemen deel aan verschillende werkgroepen (zon op dak, wind, zon op veld, communicatie en participatie, evaluatie, data en monitoring). We leveren teksten aan voor voortgangsrapportages.
Programma Zon op Veld
In het programma Zon op Veld staat waar in de regio plek is voor velden met zonnepanelen en aan welke voorwaarden deze zonnevelden moeten voldoen; dat zijn de zogenaamde ‘zoekgebieden’. Ondanks alle inzet in 2025 en eerder, is helaas het beoogde effect uitgebleven. Met het programma Zon op Veld hadden we de doelstelling voor grootschalige opwek in één klap kunnen halen. Nadat er in 2024 twee kansrijke initiatieven leken te starten, was dit helaas niet genoeg. We onderzochten in 2025 of en hoe het eerste en tweede segment zoekgebieden opnieuw kon worden opengesteld. Daar is in 2025 veel van onze inzet naartoe gegaan. Er is hard gewerkt maar dit wilde helaas niet baten. Waarschijnlijk is dit het gevolg van een combinatie van factoren, op lokaal, provinciaal, landelijk niveau. Hoe de regio wel verder wil, is nog niet duidelijk. Wat we wel weten, is dat de provincie bezig is met herziening van het eigen omgevingsbeleid. Windmolens krijgen daarin een prominente plek, ook in regio Midden-Holland. Verder zien we ook dat de ontwikkeling van het energiesysteem niet stil staat. Dit alles noopt tot bezinning in onze regio, dit krijgt in 2026 een vervolg.
Duurzame mobiliteit

In opdracht van de vijf regiogemeenten van Midden-Holland en provincie Zuid-Holland werkt onze omgevingsdienst aan verschillende maatregelen uit het Uitvoeringsprogramma van het Regionaal Verkeers- en vervoersplan (UP RVVP). Binnen dit plan is er veel aandacht voor duurzaamheid en leefbaarheid, naast de traditionele doelen voor bereikbaarheid en verkeersveiligheid. Dit is vertaald naar verschillende projecten, zoals het stimuleren van reizen met het OV, elektrisch rijden en deelmobiliteit. De ODMH coördineert de uitvoering van de duurzame mobiliteitsmaatregelen en is sparringpartner van de projectleider duurzame mobiliteit en de aanjager laadinfrastructuur. Die laatste hield zich bezig met het ontwikkelen van een regionale Laadvisie en het aansluiten van de regio bij de nieuwe laadconcessie van de Regionale Aanpak Laadinfrastructuur (RAL) Zuid-West.
Menukaart duurzaam mobiliteitsgedrag
In 2025 vroegen we Zuid-Holland Bereikbaar (ZHB) om ons te helpen duurzaam mobiliteitsgedrag te stimuleren bij inwoners, werknemers en werkgevers. Dit resulteerde in een menukaart met verschillende ideeën, denk aan acties ten tijde van wegwerkzaamheden in een gemeente. De tijdelijke afsluiting van een belangrijke rotonde is de perfecte gelegenheid om eens een e-bike te proberen, of het OV als alternatief voor woon-werkverkeer te testen.
In november 2025 is de ReisWijs-app gelanceerd, die reizigers stimuleert groene, duurzame alternatieven te kiezen. Verder startten we met de voorbereiding voor de publiekscampagne Da’s zo gefietst die het voorjaar van 2026 naar buiten gaat. Daar geven we lokale invulling aan.
Subsidie: Waterstoftankstation
Samen met de gemeenten trof de ODMH voorbereidingen voor het aanvragen van een subsidie Waterstof In Mobiliteit (SWIM). Hiermee faciliteren we het ontstaan van het eerste waterstoftankstation in onze regio. Het is verplicht om deze subsidie aan te vragen vanuit een consortium van een tankstationhouder en transporteurs. We ondersteunden het proces van verkrijgen van bestuurlijk draagvlak.
Subsidie: Inclusieve deelmobiliteit
Ook organiseerden we de subsidieaanvraag in het kader van de SPUK Inclusieve Deelmobiliteit (voor drie van de vijf gemeenten). Het doel van deze subsidie is mensen met een kleine portemonnee te helpen om een (eigen) auto, scootmobiel of bakfiets met hun buren te helpen delen. Dit kan door voorlichting of het beschikbaar stellen van meer deelauto’s. Of door de kosten voor de verzekering - en deels het gebruik ervan - voor onze rekening te nemen. Deze stimulans draagt bij aan de regionale doelen op het gebied van deelmobiliteit.
Werkgroep Duurzame Mobiliteit
De ODMH begeleidt de regionale werkgroep Duurzame Mobiliteit met verkeerskundigen uit de vijf gemeenten. Daarin bespreken we alle lopende projecten en besluiten die we willen voorleggen aan het bestuur. In 2025 kwamen we acht keer bij elkaar. Het doel is om kennis en ervaringen uit te wisselen, waarmee we de uitvoering van de duurzame mobiliteitsmaatregelen uit het UP RVVP bevorderen.
EOS opslagsysteem

Energieopslagsysteem (EOS)
In Bodegraven-Reeuwijk is één energieopslagsysteem (EOS) in ontwikkeling. Energieopslagsystemen zijn essentieel voor een duurzame energievoorziening, omdat ze helpen om vraag en aanbod van elektriciteit in balans te brengen. Dit is vooral belangrijk omdat veel duurzame energiebronnen, zoals zon en wind, een wisselend productiepatroon hebben. Bovendien wijkt de productie af van de momenten waarop de energievraag hoog is.
Voor het beoogde energieopslagsysteem leggen wij ter bescherming van het milieu (externe veiligheid) maatwerkvoorschriften op, op basis van de zorgplicht in het Besluit activiteiten leefomgeving.
Energiebesparing zwembad de Kuil

Slim energiebeheer bij zwembad De Kuil
Het goed instellen van klimaatinstallaties is een eenvoudige én effectieve manier om energie te besparen. Voor locaties met een hoog energieverbruik, zoals zwembaden, geldt de energiebesparingsplicht. Deze verplicht bedrijven om alle maatregelen uit te voeren die binnen vijf jaar terugverdiend kunnen worden.
Een belangrijke maatregel is het gebruik van een energiebeheer- en registratiesysteem (EBS), waarmee gas- en elektriciteitsverbruik continu wordt gemonitord. In het kader hiervan heeft de Omgevingsdienst, in de rol van toezichthouder energiebesparing, een controle uitgevoerd op het hebben en gebruiken van een EBS. Hierbij wordt niet alleen gekeken op het hebben van een EBS, maar ook op het actief gebruik maken en sturen van het EBS. Ook dit is een verplichting.
Bij zwembad De Kuil in Bodegraven-Reeuwijk laat beheerder Optiesport zien hoe dit werkt. Het EBS registreert het verbruik per kwartier en is gekoppeld aan het gebouwbeheersysteem (GBS). Afwijkingen worden direct opgespoord en automatisch bijgestuurd. Dit zorgt voor optimaal energiegebruik en minder verspilling.
Het resultaat? Direct inzicht in verbruik, snelle signalering van afwijkingen, automatische sturing voor efficiëntie, minder CO₂-uitstoot en lagere kosten. Met deze aanpak zet Optiesport een grote stap richting duurzaamheid en voldoet het zwembad aan de wettelijke energiebesparingsplicht.
Duurzaamheidseisen aan nieuwbouw

De ODMH werkt met de gemeente Bodegraven-Reeuwijk om duurzaamheid structureel te verankeren in nieuwbouwprojecten. Hiervoor stellen we een wensenlijst voor duurzame nieuwbouwstellingen op. Zo stimuleren we ontwikkelaars om verder te gaan dan de wettelijke minimumeisen. Om dit mogelijk te maken, werkten we aan een duidelijke visie en praktische richtlijnen die bijdragen aan duurzame gebiedsontwikkeling.
Het project bestond uit twee onderdelen. Eerst onderzochten we welke onderdelen van de huidige Omgevingsvisie aansluiten bij mogelijke duurzaamheidseisen van de thema’s energie, circulariteit, mobiliteit, klimaatadaptatie en biodiversiteit. Vervolgens voerden we interviews met beleidsadviseurs en projectleiders om deze doelen praktisch toepasbaar te maken. Het resultaat is een overzicht van kansrijke beleidsdoelstellingen en concrete handvatten die als basis kan dienen voor aanvullend beleid en een aanpassing van de Omgevingsvisie op het gebied van duurzame nieuwbouw.

Gemeentelijke warmteprogramma's
De ODMH ondersteunt vier gemeenten bij het opstellen van het warmteprogramma, te weten Bodegraven-Reeuwijk, Gouda, Krimpenerwaard en Waddinxveen. Dit is een nieuwe verplichting, die voortkomt uit de Omgevingswet en alles te maken heeft met de gemeentelijke taken en bevoegdheden rondom warmtetransitie. Het warmteprogramma dat gemeenten voor 2026 maken is een opvolging van de eerdere warmtevisies.
De overgrote meerderheid van bedrijven en woningen worden op dit moment nog steeds verwarmd door gas. In 2050 wil Nederland geen aardgas mee gebruiken voor verwarming en warm water. Om in dat jaartal volledig van het gas af te kunnen zijn, stellen gemeenten nu al elke vijf jaar een plan op. De ODMH staat gemeenten bij met kennis, advies en gezamenlijke projecten.
Tools, stappenplannen en participatiestrategie
Hoe deden we dat in 2025? We sloten samen met de gemeenten aan bij werksessies van het kennisprogramma rondom warmte. Wij hielpen gemeenten met de vertaalslag van die informatie naar hun lokale uitvoeringspraktijk.
Ook reikten wij praktische tools en stappenplannen aan, waarmee gemeenten weten hoe ze stap voor stap kunnen komen tot een warmteprogramma. Een voorbeeld is de participatiestrategie. Daarin vinden gemeenten antwoord op de vraag welke vorm van participatie het beste past bij welke uitdaging, zowel in ontwikkeling als uitvoering.
Voor deze ondersteuning ontvingen wij financiering van het rijk, via de Specifieke Uitkering Isolatieopgave Nationaal Programma Lokale Warmtetransitie (SPUK Isolatieopgave NPLW).
Milieueffectrapportages
In 2025 staken wij ook energie in de verwachte verplichting om een plan-milieueffectrapport (plan-MER) op te stellen over gemaakte keuzes in het warmteprogramma. Zo’n plan-MER beschrijft de verwachte milieueffecten, op thema’s als lucht, bodem, geluid en water. Het is een complex proces, dat op het bordje van de individuele gemeenten is komen te liggen. De ODMH is 2025 aan de slag gegaan met de mogelijkheid om hierin gezamenlijk op te trekken, door samen één bureau aan te trekken voor deze plan-MER’s.

Meerjarige Collectieve Ontzorging
(MCO)
In de aanpak Meerjarige Collectieve Ontzorging (MCO) werken gemeenten Bodegraven-Reeuwijk, Gouda, Krimpenerwaard en Krimpen aan den IJssel samen om inwoners te ondersteunen bij het isoleren van hun koopwoning. De ODMH coördineert deze samenwerking en is gemandateerd als opdrachtgever voor Klimaatroute, de intermediair waarmee we werken. In de MCO werken we meerdere jaren samen aan het stimuleren van energiebesparing in de gebouwde omgeving, met veel ruimte om te leren hoe we inwoners het beste bereiken én ontzorgen.
In de MCO-aanpak is subsidie beschikbaar voor de doelgroepen van het Nationaal Isolatieprogramma: de koopwoningen met een slecht energielabel en een lage WOZ-waarde (SPUK Lokale Aanpak Isolatie). Daarnaast kunnen alle andere woningeigenaren die willen verduurzamen meeliften op het ontzorgingsaanbod voor isolatieadvies, aanvraag bij subsidies en hulp bij het vinden van een goede isolatiepartij.
In maart 2025 is de aanpak gestart. In de afgelopen maanden zijn meerdere communicatiecampagnes uitgevoerd om inwoners hierop te wijzen en ze te motiveren.
In gemeente Bodegraven-Reeuwijk zijn daarbij tot en met eind november al veel inwoners geholpen: ruim 200 inwoners ontvingen een besparingsadvies op maat en in 42 woningen is inmiddels ook een isolatiemaatregel uitgevoerd.
In totaal bereikten we in de vier gemeenten nu ruim 1300 inwoners! De komende jaren gaan we verder met het verbeteren van de aanpak en de communicatiecampagnes daaromheen. De aanpak loopt tot eind 2028, met mogelijke verlenging tot 2030.
Platform Groene Hart Circulair


Platform Groene Hart Circulair is sinds 2017 hét regionale platform voor circulaire economische initiatieven in het Groene Hart. Op dit platform zoeken ondernemers, onderwijsinstellingen en overheden verbinding en worden zij uitgedaagd om een bijdrage te leveren aan de verduurzaming van de economie. Ook de ODMH werkt regionaal mee aan het versnellen van de circulaire economie. Dat doen we in verschillende actielijnen.
Actielijn: Consumentencampagne
De ODMH is trekker van de campagne ‘Koop tweedehands of refurbished’ waarmee we inwoners en consumenten in onze regio bewust maken van hun rol in de circulaire economie. Dat doen we samen met de gemeenten Alphen aan den Rijn, Krimpenerwaard, Gouda en Molenlanden en lokale afvalverwerker Cyclus.
De gemeente Krimpenerwaard bracht hun ervaring in met de straatschattenjacht. Dat is een succesvol initiatief waarin mensen samen zoveel mogelijk spullen een tweede leven geven. Dat gaat zo: Op één dag zetten mensen hun oude, bruikbare spullen op de stoep. Buren ontdekken daar schatten die in een ander huishouden welkom zijn. De spullen die overblijven gaan naar de kringloop en krijgen daar een tweede kans. Deze aanpak is evidence-based: vergelijking met de nulmeting laat zien dat een straatschattenjacht mensen van mening doet veranderen over tweedehands spullen, er komt meer waardering voor. Een ander positief bijeffect is dat zo’n actie gezelligheid in hun eigen straat geeft. Deze succesvolle interventie verspreidt zich als een olievlek. In 2025 zijn we in twee nieuwe pilotgemeenten gestart met een nulmeting: Bodegraven-Reeuwijk en Molenlanden. In 2026 volgen Alphen aan den Rijn en Kaag en Braassem. In een tweede ring informeerden we in 2025 een bredere groep gemeenten over deze inspirerende resultaten. Ook deelden we daar campagnes over de circulaire economie vanuit het rijk, zoals ‘Koop niet’.
Actielijn: Stimuleren samenwerking en aanbod van reparatie, hergebruik en tweedehands
De ODMH draaide in 2025 actief in het initiatief waarin consumenten worden gestimuleerd spullen te (laten) repareren in plaats van nieuwe producten aan te schaffen. Dat initiatief is de Reparatiecoalitie Zuid-Holland.
Actielijn: Regionale ketens hergebruik van reststromen opzetten
De ODMH ondersteunt een samenwerking om hout zo veel mogelijk in de keten te houden. Het gaat om het organiseren van ketensamenwerking.
Actielijn: Ruimte voor circulariteit
De ODMH draait mee in de actielijn waarin de provincie in kaart brengt welke behoefte aan ruimte er is voor circulaire economie onder bedrijven en initiatiefnemers. Wij kennen onze bedrijven goed, daarom denken wij daarover mee.

Multicriteria-analyse (MCA)
Begin 2025 leverde de ODMH samen met de gemeente Bodegraven-Reeuwijk een multicriteria-analyse (MCA) op. Deze MCA gebruikt de gemeente om duurzaamheidsprojecten te beoordelen en te rangschikken. Het instrument helpt bij het maken van een onderbouwde keuze: welke projecten starten we en welke nemen we wel of niet op in het jaarprogramma? De MCA is zo ontworpen dat hij breed toepasbaar is en geschikt voor elk type project. Inmiddels pasten wij de MCA voor het eerst toe binnen het team Duurzaamheid van de gemeente. Op basis van de evaluatie ontwikkelen we het instrument nu verder door.
Ontwikkeling van de MCA
In 2024 startte ODMH, in samenwerking met de gemeente, met de ontwikkeling van de MCA. Uitgangspunt was het programma Duurzaamheid 2024-2026 en de gemeentelijke visie. In overleg met medewerkers brachten wij de prioriteiten van de gemeente in kaart. Op basis van deze input stelden wij de eerste versie van de MCA op. Samen met de gemeente bepaalden we de criteria en voorzagen deze van een weging. Zo weegt ‘CO₂-reductie’ bijvoorbeeld zwaarder mee in de eindscore dan ‘biodiversiteit’.
In augustus 2025 gebruikten we de MCA voor het eerst bij het opstellen van de jaarplanning voor 2026. De ervaringen waren positief. Na afloop evalueerden we hoe het instrument beter kan aansluiten op de wensen van het team. Zo is er behoefte om bepaalde criteria anders te wegen en om de MCA te koppelen aan de projectplannen van de gemeente.
Vervolgstappen
Het doel is nu om de MCA verder te ontwikkelen. De gemeente wil het instrument breder inzetten, ook bij andere teams. In 2026 onderzoeken we samen hoe we de MCA op meerdere vlakken kunnen toepassen, zodat het een breed gedragen en waardevol hulpmiddel wordt binnen de gemeente Bodegraven-Reeuwijk.
